Kernversterking (zomerreeks deel 1): is hoogbouw een optie?

2050. Slim wonen en leven is een evidentie in Vlaanderen.
2040. Locaties buiten kernen zijn voor projectontwikkelaars niet meer interessant. Bijna iedereen wil in steden en kernen wonen.
2030. Het beleid van diverse overheden stimuleert de duurzame woonwensen, waarin woonmobiliteit en het wonen in kernen onderdelen van zijn.
Bovenstaande zinnen staan in de Startnota Slim wonen en leven van Wonen Vlaanderen, die voor de zomer werd goedgekeurd.

2017. ’Hoogbouw roept in Vlaanderen veel weerstand op.’ Dit staat vandaag in de brochure Recepten voor kernversterking. Hoe leg je als lokaal bestuur de basis voor een klimaatvriendelijke gemeente, van Bond Beter Leefmilieu en de Provincie Vlaams-Brabant (2016), die we aanraden.

We zijn er nog niet!

We bevinden ons nog altijd in een periode van weerstand, want de Vlaming wil nog eerder ‘huisje tuintje boompje’ (... en dit betekent helaas ook autootje). Die woonwens wil de Vlaamse gemeenschap zacht zien bewegen in de richting van meer duurzame woonwensen.

Tijdens de debatavond ‘Kernversterking: is hoogbouw een optie?’ (Leuven, 29 juni) bracht de provincie Vlaams-Brabant vier stemmen te horen. Twee met voorbehoud en twee die dit wat sneller kunnen inschrijven in een methode om te versterken en te verdichten.

Sprekers waren Eric Grietens (Bond Beter Leefmilieu), Ramon Kenis (ingenieur, Leuvens Historisch Genootschap), Johan Van Reeth (BUUR), en Zeger Debyser (arts, Vrienden Abdij van het Park). Er was een slotbeschouwing van de Vlaams Bouwmeester die, zoals altijd, daverde. Verrassend genoeg klonken de vier sprekers genuanceerd en waren er overlappingen. Er is geen zwart-wit.

2017. Wat is hoogbouw voor de Vlaming vandaag? ’De Vlaming denkt instinctmatig aan Amelinckx-hoogbouw of sociale woonblokken’, zegt Vlaams Bouwmeester Leo Van Broeck. Daar is een reden voor: de hoogbouw bij ons is vooral van dit type (foto onder). Het zijn voorbeelden die we volgens hem vooral niet moeten nabootsen.

Elk kind zou dit vanbuiten moeten leren, net als maaltafels: wij bouwen elke dag 6 hectare of 12 voetbalvelden vol. Elke dag. En dat willen we niet langer.

De Vlaamse overheid denkt aan kernversterking, omdat dit goed is voor de planeet en goed voor het milieu. Elk kind zou dit vanbuiten moeten leren, net als maaltafels: we bouwen in Vlaanderen elke dag 6 hectare of 12 voetbalvelden vol. Elke dag. Dit willen we niet langer. Hoger bouwen is één oplossing om te komen tot een kleiner ruimtelijk beslag. Als we het goed doen, slaan we 4 vliegen in één klap, zegt Eric Grietens:

  • We besparen ruimte;
  • We sparen energie; Als we compacter wonen en bouwen, kunnen we de dure energieomslag maken en meer kritische massa genereren voor lokale energievoorziening (lokale centrales);
  • We besparen op materialen;
  • We hebben minder auto’s nodig en krijgen een betere mobiliteit.

Er zijn voordelen aan hoger bouwen, en deze gaf Johan Van Reeth: er is een extra bouwprogramma, een goede plek wordt optimaal benut, je creëert een economische hefboom.

Een gebrek aan langetermijnvisie komen we dagelijks tegen!

In 2017 zijn we er nog niet. Er zijn nog te veel voorbeelden van foute kernversterking en foute (hoog)bouw. De stemmen ‘tegen’ gaven duchtig ‘tegengas’, en wel met reden: ‘een gebrek aan lange termijnvisie komen wij dagelijks tegen!’

  • Moeten we altijd hoog gaan om ruimte efficiënt te gebruiken? Wat met leegstand?
  • Kunnen we industrieterreinen niet beter optoppen? (Haasrode Industrie in plaats van overstromingsgebied in te nemen in de Dijlevallei);
  • Kunnen we rekening houden met waterwegen en reliëf?
  • Met stadspanorama’s, met bestaande natuur, met historische gebouwen?
  • Waar ontbreekt de dialoog?
  • Wanneer wordt hoogbouw ontwrichting, verwringing?
  • Kunnen we steden leefbaar houden wanneer we torens bouwen?
  • Hebben we geen nood aan stadsbouwmeesters?…

Enzovoorts.  

Hoogbouw is niet eenvoudig. Het is een kwestie van de juiste dingen doen. Het is geen kwestie van ‘mooi’ of ‘lelijk’, eerder van ‘goed’ of ‘fout’. Er is foute/goede laagbouw en foute/goede hoogbouw.

Het gaat niet om hoogbouw. Het gaat om hoger bouwen. Hoger bouwen is niet a priori duurzaam. Het moet goed zijn.

Eén stem zei: ‘het gaat om hoger bouwen, niet om hoogbouw.’ 'Hoger bouwen is niet a priori duurzaam. Hoger bouwen moet zeker een hogere maatschappelijke meerwaarde genereren’, sloot Vlaams Bouwmeester Leo Van Broeck af. Het moet goed zijn voor mens én natuur. Dat is een duurzame woonwens. In dat geval mogen we 7 scenario’s zeker niet volgen (wordt vervolgd).

 

Brussel. Foto: skyscrapercity.com

Brussel. Foto: skyscrapercity.com